FZ

Toen Frank Zappa in 1988 door Europa tourde liet ik de kans om hem te zien aan me voorbij gaan. De ware Zappamania barstte bij mij namelijk pas later los en aangezien de albums die in die periode verschenen  (‘Francesco Zappa’, ‘Frank Zappa Meets The Mothers Of Prevention’, ‘Jazz From Hell’, ‘London Symfonic Orchestra Vol. 2’, ‘Guitar’) me niet echt boeiden, vond deze armlastige student het risico te groot om voor veel geld zijn hoofd te stoten aan een avondje synclaviergepingel, eindeloze gitaarsoli of klassieke piep-piep-knor. Toen niet veel later de eerste verslagen van de betreffende tour verschenen drong pas tot me door wat ik had gemist, iets dat later nog eens extra werd ingepeperd door de sublieme live-registraties ‘Broadway The Hard Way’, ‘Make A Jazz Noise Here’ en het in dit geval zeer toepasselijk getitelde ‘The Best Band You Never Heard In Your Life’. Van dat laatste bleek geen woord gelogen en de setlist leek elke avond voor mij op maat gesneden. De 1988 tour zou Zappa’s laatste zijn. Het met FZ klassiekers opgeleukte optreden dat de beide zonen Ahmet en Dweezil samen met voormalige Zappamuzikanten Scott Thunes en Mike Keneally begin jaren ’90 in Paradiso ten beste gaven verzachtte de pijn een heel klein beetje en toen dezelfde bezetting twee jaar later onder de naam Z door Europa tourde stond ik wederom tot twee keer toe met mijn snuit vooraan. Net als vorig jaar tijdens de eerste versie van het Zappa Plays Zappa spektakel waarin oudgedienden Napoleon Murphy Brock, Steve Vai en Terry Bozzio mochten opdraven en dat vanavond wegens succes wordt geprolongeerd in Tilburg. Inclusief good old Ray White en een setlist die op voorhand al voor kippenvel zorgt. Pleister nummer vijf op een 19 jaar oude wond die maar niet wil helen.

Michelangelo Antonioni

Vandaag werd bekend dat de cineast Michelangelo Antonioni gisteravond is overleden. De Italiaan Antonioni begon zijn loopbaan in 1943 en zou met ‘Blow Up’ pas in 1966 zijn eerste Engelstalige film produceren. De film trok vijftien jaar later vooral mijn aandacht vanwege deze beelden. Vier jaar na ‘Blow Up’ volgde ‘Zabriskie Point’ waarvan met name de imposante slotscène voor altijd op mijn netvlies staat, niet in de laatste plaats dankzij de perfecte soundtrack van Pink Floyd. Zijn laatste (korte) film dateert uit 2004. Michelangelo Antonioni is 94 jaar geworden.

Saturday Night fever

In november wordt ie 30 jaar oud en dat dient uiteraard te worden uitgebuit middels een opgepoetste jubileum-editie. Tien jaar na de vorige wel te verstaan. Tegenwoordig klinkt het me allemaal te zeer als erg foute huis-, tuin- en keukendisco in de oren maar destijds vond ik film én soundtrack helemaal -euh- cool. Jeugdsentiment van de buitencategorie dus. Maar of ik daarom naar de winkel spurt in november? Ik dacht het niet, maar het blijft leuk om af en toe nog eens wat van die oude beelden te bekijken.

free music

Ouwe koeien

Vanavond begeef ik mijn het feestgedruis tijdens een verjaardagsparty van twee collega’s uit mijn tijd bij Stichting Popmuziek Limburg. Beide heren worden één dezer dagen veertig. Dat is een prima reden voor een feestje maar het duwt me tevens met de neus op de feiten: veertig… En dan komen met de frontverslagen van weleer ook de prachtige muzikale herinneringen boven, uit de periode dat we gezamenlijk vele bands voorbij zagen komen, menig festival in de steigers zetten en nog hoop hadden dat het ooit wat zou worden met de popmuziek in onze provincie. IJdele hoop? We maakten in ieder geval de vreugdevolle doorbraak van de Heideroosjes mee, in de dagen voor ons 12,5 jarig jubileumfestival, dat mede door het viertal uit Horst en niet in de laatste plaats door Rowwen Hèze, tot een memorabele happening uitgroeide. Maar er was zoveel meer: de Nachten Van Pinkpop, de immer spraakmakende Nu Of Nooit competities en uitstekende bands als Wicked Wonderland, Soylent Green, Transpunk en de onnavolgbare Sufgerukte Wallies. Ik ben benieuwd of één van hen vanavond nog gedraaid zal worden. En zo niet, hier alvast een klein voorproefje van de ooit veelbelovende Sons Of The Rain. Uit 1995 alweer. Da’s twaalf jaar geleden. Damn…

Fish (22)

Hotel hobbies padding dawns hollow corridors
Bell boys checking out the hookers in the bar
Slug-like fingers trace the star-spangled clouds of cocaine on the mirror
The short straw took its bow

Sommige jeugdhelden laten zo’n indruk achter dat je ze nooit meer loslaat. Zo kon het gebeuren dat zojuist de kaarten werden aangeschaft voor mijn tweeëntwintigste (!) optreden van Fish. "Volgend jaar ‘Clutching At Straws‘" schreef ik eerder in een hoopvolle bui. En inderdaad, op 9 oktober a.s. wordt genoemde symfo-meesterwerk in zijn geheel op de planken gebracht in de Eindhovense Effenaar. We’re clutching at straws, we’re still drowning… kippenvel.

Kwartet (4)

"I Love Rock & Roll" zong de stoere in zwart leder gehulde Joan Jett in 1982. Ze bereikte zelfs de eerste plaats van onze vaderlandse hitparade maar werd al na een week van die troon gestoten door ‘Ein Bisschen Frieden’ van haar Duitse tegenpool Nicole, waarna we nauwelijks meer iets van Jett en haar Blackhearts zouden horen. Dat was in de jaren ’70 wel anders, toen ze als zangeres/gitarist van The Runaways behoorlijk van zich deed spreken. Naar verluid zouden optredens zo nu en dan ontaarden in heuse orgiën terwijl de lieftallige dames zich er niet voor schaamden geregeld een hotelkamer te verbouwen. The Runaways begonnen hun opmars in 1976 als voorprogramma van The Ramones en de split drie jaar later resulteerde in de nodige solocarrières, waarbij gitariste Lita Ford zich ontpopte als de meest productieve van het hele stel. Bassiste van het eerste uur Mickie Steele zou later met The Bangles de meest succesvolle Runaway worden, terwijl haar opvolgster Jacky Fox het na een studie aan Harvard schopte tot advocaat. Drumster Sandy West overleed in 2005 na een slopende ziekte. De avonturen van de meiskes resulteerden twee jaar geleden in de film Edgeplay, over "an all girl group ahead of their time, and their story goes way beyond the usual sex, drugs and rock ‘n’ roll clichés, allegedly involving emotional, psychological and physical abuse, lesbian trysts, suicide attempts, violent fights, and too much fast food." Maar daar had de kleine mijnheer Headmusic destijds tijdens een braaf potje kwartetten natuurlijk nog helemaal geen weet van. Oh ja, The Runaways klonken zo.

Kwartet (3)

Ze waren commercieel gezien nooit echt succesvol maar het in 1973 in NYC opgerichte Television staat wel in de boeken als één van de grondleggers van de punk en had een enorme invloed op latere verwante stromingen als artrock, post-punk en new wave. Muzikaal stak Television dan ook veel gecompliceerder in elkaar dan bekende  stad- en genregenoten Ramones en Patty Smith Group. Debuutalbum ‘Marquee Moon’ is een regelrechte klassieker, die in 2003 door NME werd uitgeroepen tot vierde beste album allertijden. Sleutelfiguur was frontman Tom Verlaine, die de band dankzij zijn poetische teksten en bijzonder sterke gitaarspel boven het genre uittilde en inmiddels tien soloalbums op zijn naam heeft staan. Oorspronkelijke Bassist Richard Hell zou later na een tussenstop bij The Heartbreakers als leading man van The Voidoids een eigen hoofdrol in de punkhistorie opeisen (zie ook de handige Television Family Tree). The Voidoids zouden echter snel uit beeld raken, zoniet drummer Marc Bell die later als Marky Ramone in een ander punkbandje naam zou maken. Waarover later meer.  Eerst kwartet nummer drie én vier alsmede een lekker stukje muziek uit de oude doos.

Kwartet (2)

Zou Generation X nog ooit ter sprake zijn gekomen als frontman Billy Idol niet zou zijn uitgegroeid tot een popster van formaat? Generation X was precies twee albums aangenaam, maar niet echt opzienbarend en te poppy voor de hardcore punks. Toch hoort de band thuis in het grote geschiedenisboek der rock & roll, als broedplaats voor Idol én het door bassist Tony James opgerichte Sigue Sigue Sputnik. James stond daarnaast ook aan de punkrockwieg met de band London SS waarin ook leden van de latere Clash en Damned actief waren. Tegenwoordig doet hij het met (inmiddels voormalig) Clash bassist gitarist Mick Jones in Carbon/Silicon. Wat Billy Idol tegenwoordig doet weet niemand, en dat is maar goed ook. Eind jaren ’70 was Billy in ieder geval nog op en top punk, zoals te zien is in deze tweede kaartenreeks. Hoe de band klonk? Kom er maar in, Marc Bolan

Kwartet (1)

Tijdens het opruimen van de zolder zag ik hem liggen, in een oude doos vol zelden of nooit gespeelde gezelschapspelletjes: Het Punk Kwartet van Muziekkrant Oor. Fraai geïllustreerd door Willem Vleeschouwer en uitgegeven tegen het einde van de jaren ’70. De verpakking heeft, met behulp van een halve rol plakband, de tand des tijds ternauwernood doorstaan maar de inhoud is nog net zo gaaf als destijds. Bij het herbekijken van de prentjes (jeugdsentiment van de buitencategorie) komen vele herinneringen boven maar is er ook verwondering over hetgeen destijds onder de term punk werd geschaard. Naast de usual suspects (Pistols, Clash, Ramones) tref ik namelijk ook Blondie, Talking Heads en The Modern Lovers aan, bands die anno 2007 niet bepaald met genoemd genre worden geassocieerd. Hoe dan ook, het spel laat zich vanwege de onpraktische lay-out wat moeilijk spelen maar biedt na meer dan dertig jaar een mooie gelegenheid voor een reis terug in de in de tijd. Te beginnen met the great rock & roll swindle genaamd The Sex Pistols, die verder natuurlijk geen introductie behoeven. De eerste kaarten zijn gedeeld, game’s on

1979

Jeugdsentiment. Het overvalt me tijdens een korte rondgang door het voormalige Luxor Theater. Slechts een flinke steenworp verwijderd van huize Headmusic en in verval sedert de sluiting in 1979. Het zal niet lang daarvoor zijn geweest dat ik aan de hand van mijn vader tijdens een braderie een kijkje mocht nemen in het cafégedeelte van de voormalige bioscoop uit 1925, waarbij me vooral de ruige langharige figuren aan de bar en de grote kleurrijke muurschilderingen zijn bijgebleven. Nu, 28 jaar later, zijn de schilderingen nog deels aanwezig. Net als de vitrines in het voorportaal, waarin zelfs nog wat posters hangen. De bar en het kassahokje zijn daarentegen verdwenen. De behoorlijk grote zaal is nog steeds voorzien van een flink balkon en op de achterwand zijn de contouren van een projectiedoek zichtbaar. Terwijl de nieuwe ‘eigenaar’ me rondleidt door het sinds twee dagen gekraakte historische bouwwerk, denk ik terug aan hoe het er moet hebben uitgezien tijdens de concerten in de tweede helft van de jaren ’70. Ik kan de aankondiging van Smokey nog herinneren, en de tekst op de gevel (“Cha Cha Tour”) bewijst dat Herman Brood de laatste was. Ik vraag me af waar ik in 1979 zelf naar luisterde. ‘Hit Me With Your Rhythm Stick’, ‘Lucky Number’, ‘Whatever You Want’ en het onvermijdelijke ‘I Was Made For Lovin’ You’ waren persoonlijke favoriete plaatjes in dat jaar. Verder herinner ik me de aanschaf van het dubbelalbum ‘Live Killers‘ van Queen en AC/DC’s ‘Highway To Hell‘. Bij een oom hoorde ik voor het eerst ‘The Wall‘ en mijn broertje was plotsklaps in het bezit van ‘Go West‘ van Village People. Gelukkig is het later nog aardig goed gekomen met hem. Na dat bezoekje Luxor destijds, wist ik het zeker; ééns zou ik ook met haar tot over mijn schouders aan de bar van zo’n stoere toko zitten. Vandaag de dag is dat haar er al lang weer (grotendeels) vanaf en zit ik nog zelden aan een bar (ik sta liever voor het podium of nabij de dansvloer – en soms zelfs erop) en mijn naar schatting vijftien jaar jongere gids kijkt me wazig aan als ik even hardop terugdenk aan de tijden van weleer. “Komt u gerust nog eens langs,” krijg ik te horen als ik het pand door de geïmproviseerde uitgang verlaat. U??? Ik voel me heel even als één van de oud-mijnwerkers tijdens de onthulling van een oude gevelsteen van de Staatsmijn Emma, een maand geleden pal tegenover dezelfde zaal, maar besluit wél van zijn uitnodiging gebruik te maken want het is best lekker op z’n tijd, zo’n trip down memory lane.