Comeback

En ineens was het 2010 en werd het stil op dit weblog. Geen zin om te schrijven, geen zin om veel woorden te spenderen aan zaken die ik ook al via Twitter het web opslingerde. Zoveel gemakkelijker, sneller, actueler, met meer interactie. Maar ook vluchtiger. Vandaar het voornemen om alhier de draad toch maar weer op te pikken. Voor de zoveelste keer.
Te beginnen met hetgeen me in de eerste helft van januari op muzikaal gebied bezig hield. Twee belangrijke releases bijvoorbeeld. Vampire Weekend met de moeilijke tweede en Delphic met een zeer overtuigend debuut. De eerste kan me nog steeds niet volledig boeien en haalt het bij lange na niet bij zijn overdonderende voorganger, de tweede is nu al kanshebber voor mijn volgende eindejaarslijst en schroeft de verwachtingen voor de aanstaande concerten nog meer op.
Begin van de maand realiseerde ik me ook dat het dit jaar 35 jaar geleden is dat ik als een blok viel voor Queen. Als gevolg van de legendarische kerstshow die Mercury en co voor The Old & Grey Whistle Test in 1975 gaven in de Londense Hammersmith Odeon, die onlangs werd heruitgezonden op BBC 4. Verplichte kost voor alle Top 2000 luisteraars die bij het horen van de bandnaam die Burt Reynolds snor voor zich zien. En over die beschamende schertsvertoning met Paul Rodgers hebben we het na het zien van deze beelden helemaal NOOIT meer.
Verder was er nog de aankondiging van een aanstaande Suede-reünie die mijn hart sneller deed kloppen en beleeft ‘No Distance Left To Run’, de groots opgezette docu over de Blur-reünie van afgelopen jaar, komende dinsdag haar première in tal van Europese bioscopen. Uiteraard met uitzondering van de Nederlandse want verder dan ‘Wonderwall’ is men alhier nooit gekomen qua Britpop.
Oh ja, het The XX kwartje is eindelijk en definitief gevallen (topband!), ik moet met het schaamrood op de kaken bekennen dat ik deze week pas We Were Promised Jetpacks ontdekte en de Spijker Op Zijn Kop Trofee van 2010 wordt nu al overhandigd aan Nico Dijkshoorn die het tekstuele gezemel van Bløf in OOR fijntjes omschreef als "letterstront". Bloemen voor die man.
En mag ik jullie tenslotte nog even te attenderen op deze interessante en rake Noorderslagpresentatie van Erwin Blom over de kracht van de sociale media?
Tot zover mijn eigen letterpoep. Wordt wellicht vervolgd…

Long live rock 'n' roll

Heel lang geleden, toen ik nog zeeën van tijd had (wegens student, lang voor de invoering van de tempobeurs) en soms uren naar MTV zat te staren errr uh uh uhh ummm, stond deze muziekzender naast een aantal puike programma’s als 120 Minutes, Most Wanted en Headbangers Ball, ook bekend om haar toffe, kunstzinnige en soms maatschappelijk betrokken promofilmpjes. Tegenwoordig kijk ik nooit meer naar de clipzender. De reguliere MTV zendt nauwelijks nog muziek uit, het alternatieve MTV 2 is helaas uit het Ziggo-zenderaanbod verdwenen en MTV Brand New heeft haar naam nog nooit waargemaakt. Het is dan ook niet toevallig dat het juist een reclamecampagne was die me even aan de tijden van weleer deed denken. "Long live rock ‘n’ roll. Always use condoms." Featuring Madonna en Mick Jagger en met name die laatste is erg geestig. De tijden van weleer… dat vraagt om passende muziek uit de oude doos. Kom er maar in, Soundgarden, Primus en The Shamen.

Dig Out Your Soul In The Streets

Het was in maart 1988 dat ik samen met wat klasgenoten een excursie naar Parijs aangreep om de straatmuzikant uit te hangen. Omdat de begeleidende leraren het zo’n geslaagd idee vonden, kregen we vrijstelling van het verplichte educatief verantwoorde programma en aldus ruim baan om voor de poorten van de Notre Dame en Centre Pompidou onze eerste publieke optredens te verzorgen. Met hooguit drie nummertjes van ons pas opgerichte punkbandje in de vingers kwamen we de dag door dankzij evenzoveel akkoorden en spannende ontmoetingen met enkele excentrieke Parijzenaars. Toch was het eens maar nooit weer. Wellicht omdat het na Parijs in onze eigen hometown enkel tegen kon vallen maar ook vanwege de anonimiteit aldaar die de angst voor een complete afgang volledig teniet deed.
Anyway. Ik moest aan deze bijzondere dag terugdenken bij het zien van de film Dig Out Your Soul In The Streets, waarin Oasis met een stel straatmuzikanten de studio induikt om hen onbekend nieuw werk te leren spelen nadat ze de bladmuziek daarvan al eerder online vrij had gegeven, waarmee de straatmuzikant als marketinginstrument een feit was. Leuk om te zien en een aardige opmaat voor de aanstaande Gallagher gig. Nog 4 nachtjes slapen…

Antmusic

Het mag als *kuch* serieuze muziekliefhebber misschien niet hardop worden uitgesproken maar in de vroege eighties was ondergetekende een groot liefhebber van Adam & The Ants. En eerlijk gezegd geniet ik bij tijd en wijle nog steeds van de albums van dit bonte New Romantic gezelschap dat angstvallig werd stilgezwegen toen haar geest nadrukkelijk over het Britpopland van de prille 21ste eeuw zweefde. Zonder Ants geen Franz, Futureheads of Kaiser Chiefs. En… zonder Kaiser Chiefs geen nieuw album van Adam Ant. Kaiser Chiefs meet the Kings Of The Wild Frontier. Dat zou zomaar eens heel interessant kunnen worden.

Vroeger en Later…

Later… with Jools Holland werd in het verleden vooraf opgenomen omdat de combinatie van rare rocksterren en live televisie in het algemeen als erg risicovol wordt gezien. Desondanks gooit de BBC het programma vanaf dinsdag 1 april live de zender op en daar is volgens Times Online niet iedereen even blij mee: “Big American stars are nervous that something could go wrong on live television and it will be all over YouTube." Welnu, dan blijven die grote Amerikanen toch lekker aan de andere kant van de oceaan want er zijn meer dan voldoende Britse idolen die zichzelf ongegeneerd en voor het oog van de camera voor schut willen zetten. De BBC hoopt op een extra stukje spanning en vreest de rebelse popster die de kans aangrijpt voor een stukje "cheap publicity" niet. Ach, een losgeslagen muzikant op zoek naar een rel kan soms best aangenaam zijn. Neem nu deze legendarische opname zoals (beduidend beter van kwaliteit) terug te vinden op de zeer onderhoudende DVD-serie ‘TopPop – Legendarische Televisie Onvergetelijke Muziek‘, die buiten de kronkelende godfather of punk een breed scala aan sound en vooral vision biedt, van The Specials en Black Sabbath tot Boney M en -euh- Nico Haak. Een groot feest der herkenning derhalve voor iedereen die opgroeide tussen 1970 en 1988, alleen al vanwege de prachtige decors, oude leaders en soms carnavaleske uitdossingen. Ik vraag me af of we over dertig jaar net zo verbaasd zullen kijken naar het dan afgestofte Later… archief. Vast wel.

Inpoet (De Nieuwe Nor, Heerlen 1-3-08)

Het lot van de veertiger is blijkbaar dat ie tijdens zijn of haar avondjes uit steeds vaker op zogenaamde reünie’s belandt. En dan heb ik het niet over de immens populaire jaren ’80 avondjes waarop half Nederland uit de plaat gaat op gouwe ouwe deuntjes van Wham, Duran Duran en Michael Jackson of ’70’s party’s met Kool And The Gang en Village People, maar de revivals van de clubs waar in de vorige eeuw het alternatieve werk werd gedraaid. Zo belandden wij inmiddels al op de Remember Femina en We Love(d) Donkiesjot party’s en staat er een B52 Revival gepland voor april. Maar het absolute hoogtepunt so far was toch wel de Inpoet-reünie die gisteravond Heerlen op haar grondvesten deed schudden. Met dank aan New Wave Café DJ Kitty, die van tien tot drie non-stop (hoeft Kitty nooit naar het toilet?) citeerde uit haar eigen immense vinylcollectie, die grofweg reikt van The Stooges tot Placebo met een stevig epicentrum in de eightees. En dan kan het gebeuren dat je in een goed gevulde Nieuwe Nor (zelfs Jezus was er) tussen de krakers van Suede, Dead Kennedys, The Cult, Depeche Mode, en Motörhead door, ineens in vuur en vlam wordt gezet door plaatjes die je al 15 jaar niet meer hebt gehoord of zelfs helemaal nog nooit ter ore zijn gekomen, want DJ Kitty staat voor obscuur maar dan in hoofdletters en met drie uitroeptekens erachter. Gezien de immer goed gevulde dansvloer en de reacties om me heen kan ik me niet voorstellen dat deze happening geen vervolg zal krijgen. We’ll be there!

Neerlands Hoop

Nadat ik voor Apply Some Pressure werd gevraagd een persoonlijke Nederpop top 10 samen te stellen, vond ik in de Head Music archieven ineens een stapeltje vergeten gewaande cassettebandjes met het opschrift "Neerlands Hoop". Oftewel Bram Vermeulen en Freek de Jonge die in de jaren ’70 op onnavolgbare wijze een brug wisten te slaan tussen cabaret en rockmuziek. De oude tape klinkt inmiddels dof en gammel maar gelukkig biedt YouTube in zo’n geval uitkomst. Inclusief de bijbehorende beelden die ik nog nooit eerder had gezien. Freek als motorisch gestoorde frontman en Bram als altijd met de tweede stem achter zijn orgeltje, die met steun van een begeleidingsband van formaat heel duidelijk maken dat het écht niet John Lennon was die bij Acda en de Munnik voor de inspiratie zorgde. En (huiskamervraag) kennen we die langharige gitarist niet ergens van?
Over pioniers gesproken; tussen de stoffige Neerlands Hoop tapes zat ook nog een album dat bewijst dat diezelfde Freek met twee andere collega’s een paar jaar later tevens aan de wieg stond van de Nederhop. Inclusief een stel muzikanten die me ook al heel erg bekend voorkomen. Extince, eat your heart out!
En nu snel kijken of bovenstaand überjeugdsentiment inmiddels op DVD verkrijgbaar is.

Single nostalgie

Dat komt ervan als je meest *kuch* progressieve radiostation dermate ver achter de muziek aanloopt dat de leukste plaatjes al weken zo niet maanden voordat Giel Beelen en co ze de ether in smijten door de liefhebber rechtstreeks vanuit de UK worden geïmporteerd.
Dat komt ervan als de nationale TV-stations stelselmatig elke vorm van nieuwe en spannende muziek negeren ten faveure van gladde dance, holle galm, inteelt urban, Hollands plagiaat en de waan van de vorige maand voor de mp3-Jugend.
Dat komt ervan als de prijzen dermate worden opschroefd dat een beetje muziekliefhebber op een stapel in Londen aangeschafte plaatjes voldoende geld bespaart om zijn vliegticket te betalen (terwijl hij de kosten van het hotel bijna gedekt ziet door de besparing op zijn aldaar aangeschafte Converse en Doc Martens, maar dit geheel terzijde).
Wat? Nou dit dus.
Hetgeen deze oudere jongere in een vlaag van nostalgie doet terugdenken aan het allereerste 7-inch plaatje dat op zijn oranje Lenco 811 haar vijfenveertig rondjes per minuut draaide. Let’s go to town, oh yeah / Down to the red light quarter / That part of town / Where there is no such thing as law and order. Niet slecht voor een zevenjarige, toch? Drieëndertig jaar later is het nog maar de vraag of zowel de single als de red light quarter het einde van het jaar halen. Zucht.

Oude koeden

Gisteren, de eerste vrije zondag van het nieuwe jaar, was typisch zo’n dag om in huis rond te scharrelen en wat op te ruimen. En dan kom je soms nog wel eens iets verrassends tegen. Zoals in mijn geval een flink aantal Minidiscs. Dik onder het stof maar qua luistergenot daarom des te nostalgischer. Bovendien gaf het een mooie kijk op welke muziek ik vijf tot tien jaar geleden wel aardig vond maar niet goed genoeg achtte voor aanschaf op cd. Audio Bullys, Starsailor, Melany C, Dido, Manic Street Preachers, Anastacia, Garbage, Supergrass, Gorillaz, Extince… stuk voor stuk artiesten waarmee ik direct met veel plezier kon meeneuriën maar die ik de afgelopen jaren geen moment heb gemist en waarvoor ik ook na de aangename herbeluistering niet direct naar de platenboer zal rennen. Ook de compilaties van Talk Talk, Fun Lovin’ Criminals en het beste van twee keer Guns N’ Roses’ ‘Use Your Illusion’ zorgden voor herkenning en een glimlach maar gingen uiteindelijk weer netjes terug in de doos. Het enige discje dat ik voorlopig naast het stereomeubel laat liggen is een kopie van ‘Schippers In Plafondvaart‘. Inclusief het beste van onder anderen Sjef van Oekel, Gerrit Dekzeil en Jacques Plafond en dat allemaal op smakelijke wijze muzikaal verpakt door Clous van Mechelen alias Jan Vos, hetgeen dan weer doet terugverlangen naar deze tijden. Da’s nog eens een vrolijk begin van het nieuwe jaar, oude koeden of niet.

Verrassing

Er was eens… heel lang geleden, een wereld zonder internet. Een tijd waarin je er via een fikse omweg soms per toeval achter kwam dat één van je favoriete bandjes op korte termijn met nieuw plaatwerk zou komen. Zo herinner ik me dat ik als puber na een berichtje van iemand van de Queen fanclub vanaf november 1983 mijn lokale platenboer vrijwel wekelijks bestookte met de vraag wanneer de nieuwe langverwachte single van deze band verkrijgbaar zou zijn. Het antwoord op die vraag kwam pas halverwege januari 1984 en toen ik op de 23e van die maand mijn kersverse maxi-single van ‘Radio Ga Ga’ voor het eerst en met het hart bonzend in de keel via mijn Schneider stereoset tot mij nam was dat voor het hardrockertje dat ik toen was een domper van de hoogste orde. Gelukkig was de b-kant meer naar mijn smaak.
Inmiddels vind ik Radio Ga Ga (vooral live) best een lekker plaatje en heeft de komst van het internet de muzikale wereld op zijn kop gezet. Wat mij betreft in positieve zin, al is de spanning van het wachten en het op de dag van de release beluisteren van iets volstrekt nieuws toch een ervaring die ik vandaag de dag wel eens mis. Vrijwel alles lekt voortijdig uit, singles worden weken voor de release in clipvorm voorgepubliceerd en wie geen zin heeft om in de overdaad aan informatie op zoek te gaan naar de aankomende releases van zijn of haar favoriete band maakt sinds kort gewoon een eigen RSS feed aan bij Music Alerts.
Desondanks word ik soms toch nog wel eens aangenaam verrast. Zoals in het geval van Fuck Me USA (een project van de Six By Seven leden Chris Olley en James Flower), dat ik door onoplettendheid ten tijde van de release had gemist en pas vorige week via via tot mij kwam. Aanvankelijk al vorig jaar online uitgebracht, in een beperkte oplage officieel de markt op geslingerd in april van dit jaar en in de herfst het meest gedraaide album van mijn iPod playlist. En zo kan het gebeuren dat deze energieke, indrukwekkend stampende mix van electrobeats, garage en moddervette psychedelische rock (Stooges, Sigue Sigue Sputnik, Velvet Underground, Underworld, Suicide in de blender en stuiteren maar) me al twee weken lang in een trance houdt tijdens mijn dagelijkse treinreis en wekelijkse bezoek aan de sportschool. Het titelloze album is inmiddels stijf uitverkocht, hetgeen de cult-status van dit project enkel zal versterken. Helaas zal ik het dan ook met een kopietje van het origineel moeten doen, al zal ik de bekende veilingsites goed in de gaten houden want een album dat zo hoog in mijn eindejaarslijst gaat eindigen hoort gewoon officieel in de kast te staan.