Heaven And Hell

Enkele maanden geleden luchtte ik mijn hart over een aantal halfbakken reünies maar dit gezelschap is natuurlijk gewoon Black Sabbath. En ja, dat kan ook heel goed zonder Ozzy. Het bewijs werd geleverd in de vroege jaren ’80 toen met ‘Heaven And Hell’ en ‘The Mob Rules’ twee van de beste Sabbath-albums ooit het daglicht zagen. Oké, tien jaar later ging het even goed fout maar anno 2009 is de tijd rijp voor een herkansing. Ik ben heel benieuwd waarmee de oudjes op de proppen komen. De songtitels zijn in ieder geval behoorlijk old-skool.

Limited Edition of 1

Toen ik in het voorjaar van 1991 in Paradiso de band Z aan het werk zag, viel me buiten de meestergitarist (die ik niet zal noemen omdat het vorige topic ook al over hem ging) en zijn hyperactieve broer vooral de jeugdige drummer van het gezelschap op. Als ik me niet vergis was hij 19 jaar oud en hij mepte er op indrukwekkende wijze op los. Het is dan ook niet vreemd dat Josh Freese later zou aanschuiven bij bands als A Perfect Circle, Guns N’ Roses, Nine Inch Nails, The Vandals, DEVO en nog een waslijst aan namen die ergens een belletje doen rinkelen. Gelukkig heeft Freese nog niets van zijn gevoel van humor (destijds een handelsmerk van Z) verloren, getuige de press release van zijn aanstaande solo-album.

Meer Freaky Freese vind je op zijn YouTube kanaal. Een sterk staaltje Z op het Eindhovense Dynamo festival (zonder Freese maar met Joe Travers) vind je hier. Gewoon, omdat het kan. Inclusief een antiek stukje Headbangers Ball featuring Vanessa Warwick. Het muzikale spektakel begint vanaf minuut 3.

En nu carnaval…

Tubular Bells

Dat waren nog eens spannende tijden, toen ik als jochie voor het eerst ‘Tubular Bells’ op mijn draaitafel legde. Vooral omdat ik eerst The Exorcist zag, de film die het eerste bedrijf van Mike Oldfield‘s debuut in een klap tot creepy bombardeerde. De picture disc was geleend van een muzikale oom en paste mooi op een C-60 cassette, die ik vele jaren heb gekoesterd.
Waarom ik het album daarna nooit op cd heb gekocht is onduidelijk. Omdat mijn muzikale interesse een andere kant opwaaide? Omdat het muziekstuk uit mijn geheugen werd verdreven door honderden andere tunes? Feit is dat ik onlangs tijdens het bekijken van de geweldige BBC docu "Prog Rock Britannia" (bekijk op You Tube deel 1, 2 en 3) ineens werd wakker geschud.
Vanmiddag heb ik ‘Tubular Bells’ voor het eerst eindelijk officieel aangeschaft. 36 Jaar na haar verschijning is hij digitaal opgepoetst en voor nog geen 10 Euro nog net zo indrukwekkend. Qua sound wellicht hier en daar wat gedateerd maar met name deel 1 heeft aan grootsheid nog niets ingeboet. En dan heb ik het dus over de oorspronkelijke versie uit 1973. Alle overige uitvoeringen komen niet eens in de buurt en zijn stuk voor stuk overbodig. Met uitzondering van de bovenstaande live-versie die de BBC in 1974 registreerde. Maar hoe kan het ook anders als o.a. Steve Hillage, Mike Radledge, Fred Frith, Kevin Ayers en Mick Taylor zich met de uitvoering bemoeien. Full screen mode aan, lichten dimmen en chillen maar…

The Alternative Way

Dat er van vrijwel elk klassiek popalbum om de vijf jaar een jubileumeditie verherschijnt is inmiddels de gewoonste zaak van de wereld, maar dat nu ook de verzamelaars feestelijk worden gerecycled is voor mij nieuw. In Engeland verscheen gisteren de 25th anniversary edition van ‘Now That’s What I Call Music vol. 1’. Destijds een lp vol hits en hypes voor op de tienerkamer (herinneren we deze nog?) maar anno 2009 ineens een classic album.
En dan dwalen mijn gedachten toch weer af naar de knusse oranje-bruine seventies en mijn stapeltje ‘Alle 13 Goed’ verzamelaars (check hier de volledige serie – ff scrollen) met telkens weer een hippe dame op de hoes die was gevuld met een brave muzikale dwarsdoorsnede van dat moment. Ik denk dat er een stuk of zeven edities uit deze reeks in mijn platenrekje stonden waarbij dit exemplaar duidelijk favoriet was, onder andere vanwege de aanwezigheid van Nazareth (want stoere langharige hardrockers) en *kuch* Anita Meyer. En als jullie allemaal zijn uitgelachen durf ik ook nog te bekennen dat ik ‘The Alternative Way’ tot op de dag van vandaag nog steeds een lekker nummer vind.
Hmmm, het wordt tijd om bij mijn ouders op zolder mijn oude verzamelaars nog eens af te stoffen. Wie weet wat ik er nog meer tegenkom.
Wordt wellicht vervolgd…

I Travel

Na Pinkpop heeft ook Pinkpop Classic haar headliner bekendgemaakt. Op zaterdag 15 augustus a.s. zal het Schotse Simple Minds, 26 jaar nadat ze in Geleen op het échte Pinkpop stond, haar 3oste verjaardag vieren op Megaland. Mij zal het allemaal worst wezen, want als er één band is die na het eerste succes niet wist hoe snel ze haar ziel moest verkopen aan de Sky Radio’s van deze wereld is het Simple Minds wel. Ooit werd ze in één adem genoemd met U2, nu scharrelt ze alweer een jaar of tien rond in het Night Of The Proms- dan wel Golden Oldie Una Paloma Blanca-circuit. En dat terwijl het ooit zo mooi begon, onder andere met bovenstaande prachtsingle uit 1980. Als ze beloven het op Pinkpop Classic te spelen zal ik misschien wat langer blijven maar pin me er a.u.b. niet op vast.

Rainbow

Daar gaan we weer… Voor de mensen die hier geld voor willen stuksmijten: De oorspronkelijke naam van Rainbow was dus Ritchie Blackmore’s Rainbow en dat had een duidelijke reden. Rainbow was Blackmore met een buslading passanten, waarvan een fors deel zonder de meestergitarist nooit tot de Wikipedia zou zijn doorgedrongen. Eigenlijk ben ik zelfs van mening dat de pot met goud aan het einde van de regenboog al door Ronnie James Dio werd weggegrist toen hij de band in 1978 inruilde voor Black Sabbath, maar dit geheel terzijde. Dit is Rainbow en elke variant zonder pappa Blackmore is dat niet!

Discipline

Omdat ik af en toe een bijdrage lever aan Apply Some Pressure mag ik daar maandelijks een lijstje inleveren. Deze keer betrof het een top 10 van favoriete albums uit de jaren ’80 en hoewel ik altijd weer erg lang bezig ben om de juiste platen te selecteren en ze op de koop toe ook nog eens in de juiste volgorde te zetten, hoefde ik deze keer geen seconde te twijfelen over de nummer 1: King Crimson’s ‘Discipline’.

Bij het scrollen door de overige lijstjes viel me trouwens op dat niet één van mijn tien toppers voorkomt in de lijstjes van de collega-bloggers, die op hun beurt wél barsten van de overeenkomsten. Head Music als zwart schaap? WTF ik heb wel één van de allerallerbeste albums aller tijden weer eens onder de aandacht gebracht. Waarom? Daarom: ‘Matte Kudasai’, ‘Elephant Talk’, ‘Frame By Frame’, ‘Indiscipline’. Hemels!

Sweet Smoke

In de categorie Vergeten Klassiekers trok Edwin op ZB Digitaal gisteravond tot mijn grote verrassing ‘Just A Poke’ van Sweet Smoke uit de kast. Uitgebracht in 1970 maar tot ver in de jaren ’80 nog mateloos populair bij studenten, muziekfreaks, neo-hippies en soortgelijk gespuis en hoog op de playlist van menige coffeeshop, voordat deze branche werd geannexeerd  door trance-luisterende baseballpetjes op felgekleurde scooters. File under: jazz, rock, prog en jeugdsentiment. Twee nummers, één drumsolo en de wederkerende discussie over wie er zou moeten opstaan om het album halverwege om te draaien. Kant A en kant B zijn beide terug te vinden op YouTube. Weliswaar zonder origineel beeldmateriaal maar ‘Just A Poke’ liet zich toch altijd al het best beluisteren in horizontale positie met gesloten ogen.

Ouwe leem

Ooit, hééél lang geleden kwam de jonge Head Music op het idee om, zonder ooit ook maar één noot muziek te hebben voortgebracht, een electrische gitaar aan te schaffen. Tot grote vreugde van zijn ouders en de buren, dat mag duidelijk zijn. Een maand later werd een eerste ‘bandje’ opgericht en nog datzelfde weekend een eerste demo-tape opgenomen. Gewoon op de slaapkamer, met behulp van dit boekje en aangespoord door een gammel cassettebandje van een band genaamd De Nato Partners. Die gasten stopten immers ook maar twee akkoorden in hun nummers en schaamden zich tenminste niet voor hun koelhollands; de voertaal in Heerlen en omstreken waar ook de Sufgerukte Wallies ooit furore mee maakten. Ons bandje rammelde nog een paar jaar voort zonder enige deining te veroorzaken buiten de eigen vrienden- en familiekring maar De Nato Partners werden The Partners en brachten een goed ontvangen hardcore-album uit alvorens van het toneel te verdwijnen. Tegen die tijd was ik de band al lang weer uit het oog en oor verloren maar het kwijtraken van dat eerste cassettebandje heb ik altijd betreurd. Totdat de Nato Partners onlangs ineens op Hyves opdoken, een reünie-optreden aankondigden en ter ondersteuning hun oude werk op het www plaatsten. Inclusief de twee plaatjes waar het voor mij destijds mee begon: ‘Heerlen’ en ‘Dood Aan De Ziekte – Junkie’. Jeugdsentiment van de buitencategorie. "Pas op, de woute kome…"

The City Wakes

Komende maandag is het alweer twee jaar geleden dat Pink Floyd-oprichter en sixties-icoon (en één van mijn grootste muzikale helden) Syd Barrett overleed en dus zal het geen toeval zijn dat juist nu ‘s werelds eerste officiële Barrett tribute is aangekondigd. The City Wakes is een multimediaal evenement en "a celebration of Syd’s brilliant creative mind and focuses on Syd’s early life in Cambridge, providing a showcase for his remarkable artistic output and painting a picture of the explosive and vibrant early 1960s cultural scene in which he grew up." Voormalige vrienden als ontwerper Storm Thorgerson en fotograaf Mick Rock verlenen hun medewerking, net als Syd’s zus Rosemary. The City Wakes wordt mede georganiseerd door The Syd Barrett Trust in samenwerking met Escape Artists.
De tribute vindt plaats van 22 oktober t/m 1 november in zowel Cambridge als Londen en omvat onder meer optredens, exposities, muziekworkshops, discussies en videoproducties waarin zowel Barretts beeldende werk als de hausse aan avant-garde kunst in Cambridge in de jaren ‘60 in beeld wordt gebracht. En ik heb weer een mooie gelegenheid om hier wat fraaie beelden en geluiden uit de oude doos te trekken. Arnold Layne, Interstellar Overdrive en Jugband Blues bijvoorbeeld. Shine on!