Kasabian (Live Music Hall, Keulen 28-10-2009)

Woensdagavond waren Danniëlle en ik voor het eerst in de Live Music Hall, een vreemde locatie op een vervallen bedrijventerrein in het noord-westen van Keulen. Vreemd omdat we na de aanvankelijke binnenkomst ineens weer buiten stonden op een oude aftandse binnenplaats met een garderobe, een bierwagen, worstkraam, de ingang naar de toiletten en de toegangspoort naar de zaal. Biergarten noemen ze dat in Duitsland. De zaal is qua capaciteit vergelijkbaar met Paradiso echter de omgeving doet meer denken aan een gerenoveerde versie van het aan de andere kant van Keulen gelegen Gebäude 9, de mijns inziens nog altijd tofste muziektempel *kuch* van de Rijnmetropool. Het grootste verschil is meteen het grootste probleem. Waar Gebäude 9 het DIY punkvaandel fier laat wapperen is de Live Music Hall gepimpt tot clubniveau. Inclusief een overdaad aan hippe bars, smakeloze plastic bekers, flitsende reclame-uitingen en bijbehorend publiek dat meer voor een avondje uit dan voor de optredende band lijkt te zijn gekomen. Roken waar dat niet mag, gooien met bier, foto’s uitwisselen op de iPhone, dwars door de muziek heen kletsen. Je zou welhaast zeggen dat de Live Music Hall woensdagavond een klein stukje Nederland in Duitsland was.

Tijd om ons daar lang aan te storen was er gelukkig niet want zodra Kasabian de bühne besteeg maakte ze aan iedereen duidelijk wie en wat er vanavond centraal zou staan: twee modieus uitgedoste übercoole lads uit Leicester, hun muzikale kameraden én een bak swingende, spacy indierock die, hoe actueel klinkend ook, de geest van zowel de grote Britse rockbands uit de sixties als die van The Stone Roses levend hield en gaandeweg de zaal volledig in haar greep kreeg. Een enkel inkakmoment daargelaten, want niet alle tracks van Kasabian’s wat sfeervollere laatste album lijken geschreven voor dit soort locaties, maar het oogde indrukwekkend en het klonk al net zo.

De aanvankelijk in een gewaagde bruine lederen regenjas (die in deze contreien vreemde associaties opwekt) gestoken Tom Meighan weet hoe hij het Wembley Stadion in vuur en vlam moet zetten en draaide zijn hand dus niet om voor de naar schatting 1500 aanwezigen, immers "I like this small venue." En toen dwaalden de gedachten toch even af naar de véél kleinere Botanique (2004) en AB Box (2007), toen het feest nét even wat groter was en de band nét wat heftiger uit de speakers knalde. Ander publiek, andere songs, andere tijden.

Maar waren het ook betere tijden? Kasabian is in vijf jaar tijd uitgegroeid tot een volwassen act wiens sound meer en meer is toegesneden op de grote arena’s die ze in haar thuisland platspeelt. Er werd ook in Keulen uitermate knap (en met ogenschijnlijk speels gemak) gemusiceerd, juist als er flink wat gas werd teruggenomen maar wanneer prijsnummers als ‘Empire’, ‘Shoot The Runner’, ‘Underdog’, ‘Fast Fuse’, ‘Fire’, ‘LSF’ en ‘Club Foot’ voorbijkwamen schakelde de band net zo makkelijk over op de partymodus waarbij met name de songs van het debuut nog steeds voor de meest uitgelaten taferelen zorgden.

Desondanks moest ik even wennen. Het overdonderende alles omverblazende lijkt er een beetje vanaf. En eerlijk gezegd mis ik soundwizzard, songschrijver en weirdo Chris Karloff nog steeds een beetje. Aan de andere kant hebben we er iets heel moois voor teruggekregen: een gedreven en uiterst kundige band op een creatieve top, een stel hippe vogels die hun eigen gang durven te gaan en zich inmiddels op alle fronten moeiteloos kunnen meten met de grootsten der aarde.

Maar wat was ik graag ouderwets uit mijn bol gegaan op ‘Reason Is Treason’. Over een dikke drie maanden in Amsterdam wellicht…

Overrated

Als je alle lijstjes al denkt te hebben gehad komt NME ineens met een Most Overated Acts Ever lijst waarna de makers van ASP natuurlijk niet mogen achterblijven. Het eerste dat opvalt als ik de diverse crewlijstjes doorlees is dat de definitie van overschat of overgewaardeerd per persoon lijkt te verschillen. Voor de één staat het gelijk aan slecht, een ander heeft het over muziek waarmee hij of zij niets heeft of die als "fout" wordt bestempeld. Mijn insteek was een lijst van bands of artiesten die op voor mij onverklaarbare wijze op een té hoog voetstuk zijn belandt of daar op zijn blijven staan terwijl ze er eigenlijk al jaren geleden van af hadden moeten donderen. Acts die (meestal door de pers) heilig zijn verklaard om redenen die voor een gewone sterveling niet te doorgronden zijn. En dan kan het dus best een band betreffen die ik goed vind of waar ik alle waardering voor heb.

Hieronder mijn eigen top 10 inclusief motivatie en met de opmerking dat The Sex Pistols, Radiohead, The Libertines, Moke, Anouk en Bløf net buiten de boot vielen maar bij deze wel een ‘eervolle’ vermelding krijgen. De overige crewlijstjes vind je hier. Laat de discussies maar losbarsten en schaam je niet om je eigen frustraties neer te pennen in de comments.

1. The Rolling Stones
Triest hoe de misschien wel beste singles-band van de jaren ’60 (‘Rolled Gold’ is niet voor niets hun beste album) in de jaren daarna verwerd tot een slappe gemakzuchtige parodie op zichzelf. Ik zag beelden van de meest recente tournees op TV. Vier bejaarde mannen. Ongevaarlijk en tandeloos met een complete back-up band in de rug om het zaakje nog enigszins overeind te houden… een treurige bedoening. Desondanks staat de band (vooral voor de media) nog steeds te boek als The Greatest Rock & Roll Band In The World. Onbegrijpelijk.

2. Nirvana
Haar twee grootste hits werden ingefluisterd door Boston (‘More Than A Feeling’) en Killing Joke (‘Eighties’) en het muzikale stramien waarbinnen ze haar songs inkleurde kenden we natuurlijk allang van The Pixies. Wegens op het juiste moment op de juiste plaats wist Nirvana een complete generatie verveelde kids te raken en aldus heel ver boven zichzelf uit te stijgen. Een prestatie van formaat met een handjevol pakkende singles op de koop toe, waarvoor alle lof. Maar meer dan een ‘sign of the times’ en dat de heiligverklaring van Cobain gestoeld is op zijn vroege zelfverkozen dood kan ik er met de beste wil van de wereld niet van maken.

3. Coldplay
Oasis bracht de Britpop voor het eerst naar "de man (en vooral vrouw) in de straat" middels de aanstekersingalong ‘Wonderwall’, met als rampzalig gevolg een reeks aan bands die een hele carrière bouwden rondom goed in het gehoor liggende brave melodieuze popdeuntjes. Een niet te opdringerig gitaartje voor Jan Modaal, een blik André Rieu-violen voor Mien uit Assen, sfeervolle pianoklanken erbij en ineens klinkt niets als iets. Of zoals het Goede Doel ooit zo mooi zong: een pakketje schroot met een dun laagje chroom. De Gallagher bros lachen de hele wereld uit, Chris Martin is bloedserieus. Brrr.

4. The Ting Tings
Er zijn bands die live wel eens een beat of ondersteunend trompetje uit een laptop laten komen. Soit. Een keyboarddeuntje uit een doosje? Moet kunnen op z’n tijd. Een koortje op tape? Hmmm, op het randje. Groot is dan ook mijn verbazing dat The Ting Tings kunnen wegkomen met een performance waarvan zo ongeveer driekwart van het gebodene geprefabriceerd is. Ik stond erbij, keek ernaar en hoorde bassen, drumpartijen, gitaren, toetsen, bliepjes en vocalen die zo ineens uit het niets opdoken terwijl een meneer een eenvoudig ritme trommelde en een mevrouw wulps kijkend wat liedjes zong met een ongebruikte gitaar om haar nek. Leuke liedjes, dat wel maar meer dan een karaoke show was het niet. Niet lang daarna volgde de grote doorbraak vergezeld van lovende reacties en dito recensies. Blijkbaar kun je je tegenwoordig alles permitteren als je maar vrouw, jong en blond bent en een leuk snuitje hebt. Fake!

5. Kiss
"You wanted the Best You Got The Best. The Hottest Band In The Land… Kiss!" Haha, dat was lachen in de seventies. En huilen in de eighties and beyond. Ik kan niet één memorabel, grensverleggend of invloedrijk album opnoemen van de band en vraag me af of er ongeschminkt en zonder gimmicks ooit iemand van ze had gehoord. Desondanks trekken ze volle arena’s. Holle vaten klinken het hardst.

6. Kane
Zucht. Ik had ze niet willen noemen. Te makkelijk. Maar een lijst als dit kán niet zonder Wijnand en co. Copycats met een discografie om van te huilen maar wel een ego dat qua omvang een stadion kan vullen. In tegenstelling tot Kane zelf dat liever voor halflege voetbaltribunes speelt dan gewoon het clubcircuit in te duiken, want daarvoor voelt ze zich toch echt te groot. Tegenwoordig schijnen ze te klinken als Keane. Eén letter verschil, dubbele ellende.

7. Mötley Crüe
Hoeveel ASP-lezers kunnen uit het blote hoofd één album opnoemen van Mötley Crüe? Eén nummer dan? Desondanks wordt de band ook in Nederland gezien als legendarisch, groot en succesvol. Ondergetekende verkeerde in de eighties veelvuldig in hardrockkringen en weet zich inzake The Crüe vooral te herinneren dat ze grossierden in slechte recensies en werden uitgelachen door vriend en vijand van het genre. Geen woorden meer aan vuil maken dus.

8. Marco Borsato
Ik heb niets tegen de populaire amusementsmuziek die hij maakt maar elke keer als ik hem live voorbij zie komen vallen me twee dingen op: Borsato haalt de hoge noten nooit en zijn stem ontbeert de kracht om verder dan de derde rij te geraken. Song- en tekstschrijven laat hij aan derden over en zakelijk is hij ook al geen licht gebleken. Mag ik me dan afvragen hoe Borsato tot één van ‘s lands populairste artiesten is kunnen uitgroeien? Ja dat mag ik me afvragen.

9. Metallica
Damn, wat is het moeilijk om een band waarvan je drie sublieme albums in de kast hebt staan en waar je ooit torenhoge bewondering voor had in een lijstje als dit te plaatsen. Maar helaas kan ik niet anders. Op album nummer vier was de creatieve koek op en nadat op album nummer vijf een ernstige knieval richting Sky-radio werd gemaakt was mijn liefde voor Metallica over. Daarna werd het enkel nog lamlendiger maar omdat het commerciële succes omgekeerd evenredig bleek aan de creativiteit denkt het 3FM publiek nog steeds van doen te hebben met de grootste en belangrijkste metalband ooit terwijl het van de grote vier van de Eighties Thrash uiteindelijk helaas de slapste en minst baanbrekende is gebleken die nu wel erg lang teert op een grijs verleden. Met pijn in het hart. Sorry guys.

10. Lily Allen
Tekent een platendeal met behulp van een beroemde pappa en komt zowaar met een aantal heel smakelijke al dan niet bijelkaar gesampelde singles op de proppen. Niets mis mee. Sterker nog: leuk! Maar dankzij een grote mond, drankgerelateerde uitspattingen en een aanhoudend geparadeer met haar ontblote pronte tietjes, speelt het meiske ineens in de grootste arena’s en wordt ze door menigeen in één adem genoemd met de groten der aarde. Superster wegens drie singles en net zoveel tepels.

Walk And Don't Look Back (Pressure Puzzle 116)

Kijk, da’s nog eens en stukje onvervalst jeugdsentiment: Peter Tosh van The Wailers en Mick Jagger van The Rolling Stones met één van de lekkerste plaatjes van 1978 én de oplossing van de Pressure Puzzle van vorige week.

Maar er was meer, veel meer, zoals je hier kunt lezen.De nieuwe opgave staat hieronder en alweer ben ik op zoek naar twee titels, twee bands en een missing link. De antwoorden kunnen vanaf heden worden gemaild naar pressurepuzzle@gmail.com. Meer informatie en de tussenstand vind je zoals altijd bij Apply Some Pressure.

             

Pressure Puzzle 115

In de vorige Pressure Puzzle hoorde je ‘1969’ van The Stooges en ‘Rock Lobster’ van The B-52’s. Iggy Pop was zanger van die eerste band en scoorde in 1990 een internationale hit met B-52’s-zangeres Kate Pierson. Het nummer heette ‘Candy’, de clip zie je hier, de winnaar was Henk en de volgende opgave staat hieronder en op Apply Some Pressure. Songs, uitvoerenden en de missing link kun je daarrr kwijt in het reactieveld.

            

Maxïmo Park / Pete And The Pirates (AB Box, Brussel 17-10-2009)

Het AB-optreden van Maxïmo Park zouden we aan ons voorbij laten gaan, we zagen de band immers al twee keer dit jaar. Maar toen we erachter kwamen dat onze Maxïmoteller sinds Pukelpop op negen stond was er ineens de verleiding om de tien vol te maken. Tien keer Maxïmo live en ook nog eens tien keer in dezelfde bezetting, te weten Blog Party, Indindo en ondergetekende. En zo togen we uiteindelijk toch naar Brussel voor ons eigen feestje en constateerden dat de band ons voor de tiende keer niet teleurstelde maar ook dat Paul Smith en zijn mannen zo langzamerhand muzikaal behoorlijk volwassen zijn geworden. De setlist herbergde veel meer rustpunten dan gewend, er kwam minder voor de hand liggend materiaal voorbij (met ‘Acrobat’ als grootste surprise) en men waagde zich zowaar aan een alternatief arrangement van ‘Going Missing’ dat in een triobezetting, enkel begeleid op akoestische gitaar en melodica, verrassend goed overeind bleef. Ook verrassend, echter in negatieve zin, was het ontbreken van twee songs die al negen keer tot de absolute hoogtepunten behoorden: ‘Graffiti’ en vooral ‘Limassol’. Desondanks stond de show als een huis, speelde de band gedreven en was de respons vanuit de zaal prima. Maxïmo Park bevindt zich duidelijk op een kruispunt en de weg die ze lijkt in te slaan is minder hoekig en onstuimig, meer song-geörienteerd maar nog altijd vertouwd, al is het even wennen. Smith omschreef het in Brussel zelf misschien nog het beste: "So far this rock euh balladish song wich euh wasn’t a ballade nor a rock song actually but euh…" Ik ben heel benieuwd hoe de Maxïmovlag er over een jaar bij zal hangen.

En ik ben heel benieuwd of we eindelijk eens wat meer gaan horen van Pete & The Pirates, want gisteren in de AB bewezen ze andermaal één van de leukste Britse bandjes van het moment te zijn. Speels, aanstekelijk, dansbaar, strak, vrolijk, poppy, punky én folky. Check ’em out!

Naschrift: Tien keer Maxïmo Park maar helaas dus slechts negen keer Limassol. En ineens bedacht ik hoe toepasselijk dat nummer is. "We’re gonna head for new horizons…" Volume omhoog en de stoelen aan de kant voor nog één keer Limassol!

Pressure Puzzle 114

‘Green Door’ van Shakin’ Stevens en ‘Dead Leaves And The Dirty Ground’ van White Stripes waren vorige week de niet al te moeilijke fragmenten maar dat de zangers van beide nummers beiden als acteur in de rol van Elvis Presley kropen was blijkbaar bij weinigen bekend. Shakey deed dat in ‘Elvis’ en Jack White stal de show in ‘Walk Hard’. Vandaag twee nieuwe fragmenten. Twee bands met twee songs. Welke en waarom? De volledige quiz vind je als altijd bij Apply Some Pressure en de antwoorden kun je daar kwijt in de comments.

         

Buma draait bij (maar nog niet helemaal)

"Buma/Stemra komt internetgebruikers tegemoet." Volgens eigen zeggen dan, want wij zeggen gewoon FAIL! Maar nog niet epic want er zitten uiteraard nog heel wat adders onder het gras. Check Alternative Blog, Retecool en 3VOOR12. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Update 10/10: Rechtszaken, valse bewijzen, flaters, sommaties, nieuwe tarieven, protesten, Kamervragen. Webwereld over de vijf miskleunen van de muziekindustrie.