10 x 1

In het kader van de maandelijkse crewlijst van Apply Some Pressure mocht ik als medewerker van die site mijn 10 favoriete albumopeners op een rijtje zetten. Een leuke opgave omdat het nu eens niet om zomaar een rijtje leuke nummers gaat maar om songs met een functie. Ik ben dan ook niet op zoek gegaan naar de tofste nummers die toevallig als eerste op een cd of lp staan maar naar tracks die als passende inleiding fungeren, de toon zetten en/of de luisteraar de plaat intrekken zodra de naald de groef raakt. Onderstaand mijn top 10, de overige crewlijstjes hier zijn terug te vinden, inclusief beeld en geluid.

1. Lou Reed – Berlin (Berlin, 1973)
Hoe begin je een inktzwart album dat handelt over depressie, drugsgebruik en zelfmoord in het (toen nog) troosteloze Berlijn? Lou Reed doet het met een verontrustend "ein Prosit der Gemütlichkeit" als voorbode van alle ellende die snel zal volgen. Koude rillingen.

2. Slayer – Angel Of Death (Reign In Blood, 1986)
Geen gelul, beuken. Slayer komt in 1986 op de proppen met het meest brute metal-album ooit en start zonder enige waarschuwing meteen met het genadeschot: "Aaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaargh… Auschwitz, the meaning of pain, the way that I want you to die. Slow death, immense decay. Showers that cleanse you of your life." Astenblaft!

3. Suede – Introducing The Band (Dog Man Star, 1994)
"Dog Man Star took a suck on a pill…" en daarna wordt het dientengevolge allemaal erg, euh, wazig. Een beetje vreemd maar wel heeeel erg lekker en de perfecte opmaat voor Suede’s meest eigenzinnige en baanbrekende album. Melodramatisch, donker, poëtisch, groots.

4. Deep Purple – Fireball (Fireball, 1971)
Als je als een van de hardste en heetste bands van het moment op de proppen komt met een nummer getiteld ‘Fireball’ dan hoort dat natuurlijk op alle mogelijke manieren uit de groeven te knallen en door de kamer te schieten. En hoe kun je als Deep Purple mét Hammondvirtuoos Jon Lord in de gelederen zo’n nummer én het gelijknamige album nog beter beginnen dan met het wreed zoevende geluid van een opstartende Leslie speaker (helaas niet te horen bovenstaand fragment)?

5. Body Count – Smoked Pork/Body Count’s In The House
(Body Count, 1992)
Kijk, zo schep je van meet af aan duidelijkheid: Wij zijn Body Count, bestaande uit een "muthafucka called Mooseman," de "infamous D-Roc," de "one and only Beatmaster V" en "nigga Ernie C". Wij zijn de nigga’s en jullie een stelletje moederneukers en we maken samen een stevige bak herrie met een moddervette groove maar eerst leggen we nog even een diender van de L.A.P.D. om (edoch niet in de gekuiste bovenstaande versie). Met de groeten van "Ice mother fuckin’ T, bitch."

6. The Beatles – Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band (Sgt. Pepper’s
Lonely Hearts Club Band
, 1967)
Hoe zou Sgt. Pepper’s de geschiedenis zijn ingegaan als de luisteraar niet bij de hand zou zijn genomen en het avontuur zou zijn ingetrokken door het uitnodigende titelnummer?

7. Pink Floyd – Let There Be More Light (A Saucerful Of Secrets, 1968)
Oprichter, songschrijver in inspirator Syd Barrett is er niet meer bij, dus rest het ruimteschip Pink Floyd niets anders dan meteen op te stijgen. Space-rock galore dankzij het spetterende intro van Roger Waters. 32 Jaar na dato schaamteloos gekopieerd door Placebo op ‘Black Market Music’ echter met beduidend minder resultaat. You can’t beat the real ting.

8. Queen – Mustapha (Jazz, 1978)
"Ibrahim, Ibrahim, Ibrahim, Allah, Allah, Allah, Allah will pray for you." Faroukh Bulsara roept de profeet aan op het begin van een album dat verder weinig verheffends te bieden heeft. En of de almachtige veel op heeft met naakte wielrijdsters en fat bottomed girls waag ik ook te betwijfelen. Het is in ieder geval niet de aftrap die je verwacht op een Queen-album, al was het maar omdat het nummer grotendeels in het Arabisch is gezongen. De luisteraar is hoe dan ook van meet af aan bij de les, al dan niet met gefronste wenkbrauwen. "Vontap ist ahiln avil ahiln adhim Mustapha, Salaam Aleikum, hey!"

9. Black Sabbath – Sweet Leaf (Master Of Reality, 1971)
Da’s typisch Ozzy. Op de toppen van de roem een album openen met een droog rokershoestje gevolgd door een stukje cannabispromotie waar Armand en Simon Vinkenoog nog een puntje aan kunnen zuigen. En dat alles voorzien van de gebruikelijke monsterriffs. Het kuchje schijnt trouwens van gitarist Tony Iommy te zijn, het is maar dat u het weet.

10. Oasis – Rock ‘n’ Roll Star (Definitely Maybe, 1994)
Ze kwamen uit het schijnbare niets, de baldadige broertjes Gallagher uit Manchester, maar wisten wel wat ze wilden: de wereld aan hun voeten en snel een beetje want ze waren immers de beste, de coolste en de rest een stelletje sukkels. Met een zonnebril op het hoofd, de borst vooruit en de armen gespreid werden woord en daad meteen bij elkaar gevoegd op de eerste song van hun fenomenale debuutalbum: "I’m a rock ‘n’ roll staaaaaar!" En daar was vanaf dat moment geen speld meer tussen te krijgen.

4 thoughts on “10 x 1

  1. Interessant lijstmateriaal. Boeiend ook om over na te denken. Ik vrees dat ik er toch even een half uurtje voor in mijn platencollectie zou moeten duiken!

  2. In 3, 7 en 10 kan ik me wel vinden. Zo even snel uit mijn blote hoofd gooi ik er nog “Down on the street” – The Stooges (Funhouse) en de titeltrack van “The queen is dead” – The Smiths tegenaan.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s