Moby Dick

Geïnspireerd door een stukje op Apply Some Pressure belandde ik, zoekend naar materiaal om een in de comments aldaar te plaatsen lijstje met favoriete drummers kracht bij te zetten, op YouTube. Rondklikkend tussen grootheden als Dave Lombardo, Bill Bruford, Aynsley Dunbar en Neil Peart (voilà, mijn nummers 5 t/m 2) was het toch weer John Henry Bonham die me met open mond aan de monitor gekluisterd hield. Wat een drummer, wat een beest, wat een held!

Een uurtje YouTube heeft trouwens als leuke bijkomstigheid dat je zo nu en dan tegen zeldzaam archiefmateriaal oploopt. Zoals dit  interview uit de tijd dat Led Zeppelin blijkbaar voor enige verwarring zorgde. "So you’re saying that your fans don’t necceserily want to whistle the tunes?"

Roots & Echoes

Tijdens het eerste nummer van ‘Roots & Echoes’ vraag ik me af waarom dit oudje ook op het nieuwe album staat, totdat het de recente single ‘Who’s Gonna Find Me’ blijkt te zijn dat zich na twee a drie draaibeurten op YouTube blijkbaar erg stevig in mijn hoofd heeft genesteld. Een voorval dat met gemak ook met de opvolgende songs had kunnen gebeuren want het langverwachte nieuwe album van The Coral staat vol met dit soort pakkende en direct herkenbaar klinkende songmateriaal dat bij de eerste luisterbeurt doel treft en bij draaibeurt twee al opvallend vertrouwd klinkt. The Coral grossiert nog steeds in uiterst vakkundige tegen de perfectie aanleunende melodieuze popsongs met een kop, een staart en onweerstaanbare refreinen. Tijdloos en ambachtelijk uitgevoerd, nog steeds overgoten met een licht-psychedelisch sixties sausje en puttend uit zowel de rijke Britse maar ook de Amerikaanse Westcoast-traditie. Met een vleugje folk, een snufje country en een grote portie melancholie. Muzikaal niets nieuws onder de zon derhalve en de muziekpolitie zal de band wel voor de voeten werpen dat het allemaal niet meer zo verrassend of spannend is als op het onstuimige debuut, maar wie goed luistert hoort dat het avontuur nog steeds rondwaart en het experiment nog steeds niet wordt geschuwd, zij het allemaal een stuk subtieler of op de achtergrond. En dat is juist wat The Coral boven haar soortgenoten uittilt. Het klinkt gedegen en misschien zelfs wel ietwat behoudend maar wie even de moeite neemt om iets beter te luisteren ontdekt dezelfde muzikale speeltuin waarin de band in haar jonge jaren rondhuppelde. Exemplarisch is ‘She’s Got a Reason’ dat vijf jaar Coral weet te vatten in één pakkende song. ‘Roots & Echoes’ kan zich dan ook meten met het net zo tijdloze topalbum ‘Magic And Medicine’ en The Coral mag wat mij betreft nog jaren op deze voet doorgaan zolang het songs van dit kaliber weet te smeden. Wat een heerlijke aangename en bovenal warme plaat!

Pukkelpopdilemma

Dammit! Eén van de voorwaarden voor een puike en relaxte sfeer op Pukkelpop was dat de vervelende ‘Ollanders in datzelfde weekend in Biddinghuizen zouden zitten. Jammer dat de eigen organisatie en 3 Voor 12 nu roet in het eten dreigen te gooien. Gelukkig is er voldoende muzikale afleiding om me niet te hoeven storen aan de ‘grappen en grollen’ van mijn luidruchtige medelanders want vandaag over een week dendert er in Hasselt namelijk een overvol programma over ons heen. Inclusief de gebruikelijke dilemma’s, waarvan de eerste zich aandient zodra de poorten open gaan. Starten we Pukkelpop 2007 met Seasick Steve of Lo-Fi-Fnk?

Shining

Gezien mijn voorliefde voor oude progrock werd mijn aandacht onlangs getrokken door de Noorse formatie Shining. Ondanks dat zij voor haar post-prog for the restless wel heel nadrukkelijk in de King Crimson-vijver hengelt, knalt diens heavy freejazz dermate overtuigend uit de speakers dat het gezegde "beter goed gejat dan slecht verzonnen" voor deze gelegenheid lijkt te zijn bedacht. Zeker nu Fripp & Co alweer een hele poos droog staan is het prettig vertoeven in The Kingdom Of Kitsch. Bijvoorbeeld als Shining een overweldigende versie van ’21st Century Schizoid Man’ de ether in blaast. En nu maar hopen dat deze band snel eens deze kant op komt.

Toekomstmuziek

Na de teleurstellende tweede albums van de superdebutanten Bloc Party en Editors ben ik momenteel heel benieuwd naar de naderende releases van twee andere bands die mij nog niet zo heel lang geleden met een uitstekende eerste worp wisten te overtuigen: The Dead 60’s en Hard-Fi. De aanstaande singles van beiden zijn in ieder geval alvast prima te pruimen (klik klik). Net als de smakelijke single die vooraf gaat aan het binnenkort te verschijnen comeback-album van Kula Shaker. Desondanks zie ik het meest uit naar de naderende wederopstanding van The Music. "As a band, we don’t feel like the music we are hearing and seeing out there is particularly exciting or inspiring. We want to be a part of changing that and hope with our next album we can bring something to the party that isn’t out there at the moment. Lets make these times special again." Of de heren uit Leeds de lat hiermee niet too high hebben gelegd zal later dit jaar moeten blijken.

Dit Was Veronica

Ondanks dat ik zelf te jong ben om nog naar Radio Veronica te hebben geluisterd (als dat al mogelijk was geweest want volgens mij reikte de zender niet tot het diepe zuiden), vond ik de verhalen, oude fragmenten en beelden van en over het ‘piratenstation’ altijd intrigerend. De Veronica mythe werd er na de overstap richting het officiële omroepbestel blijkbaar zo stevig ingepompt dat ik zowaar last kreeg van een vleugje jeugdsentiment toen ik het boek ‘Dit Was Veronica’ van Auke Kok onlangs in de Openbare Bibliotheek zag liggen en uit het rek griste.
‘Dit Was Veronica’ maakt echter snel korte metten met de hele beeldvorming en toont aan dat het imago van de voormalige zeezender niet overeenkomt met de realiteit. Zo was Veronica helemaal geen piraat, omdat ze eenvoudigweg niets illegaals deed. De Nederlandse regering ratificeerde de wetgeving rondom buitenterritoriale zeezenders pas in 1974 waarna de stekker er braafjes uit ging. Het opvallendst is echter het breed gedragen misverstand dat Veronica een op jongeren gerichte popzender zou zijn geweest. In de praktijk bleek het gros van de zendtijd op te zijn gegaan aan brave verzoekplaatjes voor het hele gezin, koffietijdgeleuter, spelletjes en tranentrekkers dan wel hoempapa van eigen bodem. Een plaatje met een te zeer politieke lading of grof taalgebruik werd niet gedraaid en alles dat afweek van de mainstream verbannen naar de late uurtjes. Chiel Montagne was er een hoog gewaardeerde DJ en Vader Abraham kind aan huis. I rest my case.
Hetgeen niet wegneemt dat Radio Veronica, zeker in de beginjaren, een fors stempel op de Nederlandse popcultuur heeft gedrukt, iets dat voornamelijk op het conto van Willem van Kooten alias Joost De Draaier kan worden geschreven. Het verhaal van Radio Veronica is dan ook deels zijn verhaal. Van Kooten legde zijn oor te luister bij de Engelse en Amerikaanse stations, wist mensen te binden middels de introductie van de horizontale programmering en zijn informele ontspannen presentatie, stond aan de wieg van de Top 40, Tipparade, Alarmschijf en de jingle en was continue als eerste op de hoogte van muzikale ontwikkelingen in het buitenland. Dat zijn ideeën stuk voor stuk ook als jatwerk gekwalificeerd konden worden deed niet ter zake. Voor de Nederlandse luisteraar was het nieuw (popmuziek werd door de publieke omroep volkomen genegeerd) en het swingde als een tiet. En hing de hele internationale popscene niet van jatwerk aan elkaar? Naast van Kooten volgden er nog een hele parade aan Veronica DJ’s, platenbobo’s en celebrities die hun sporen in het Nederlandse medialandschap zouden achterlaten. Van Frits Barend, Henk Van Dorp en Harmen Siezen tot Tom Mulder, Jan Van Veen en Lex Harding. Hoezeer het verhaal van Radio Veronica ook onjuist blijkt te zijn, haar invloed was enorm.
‘Dit was Veronica’ is een meeslepend boek dat aan de hand van openhartige interviews met betrokkenen de geschiedenis van de zeezender laat zien, inclusief alle spannende piratenverhalen er omheen. Kok beschrijft hoe de vrolijke kliek rondom Willem van Kooten langzaam veranderde een sentimentele familie rondom Rob Out, die uiteindelijk verantwoordelijk was voor de ontstane mythe.
Radio Veronica strandde in 1974, veertien jaar na haar oprichting, met een heuse volksoproer als gevolg. De activiteiten die daarna onder dezelfde naam zouden plaatsvinden hadden (en hebben) niets meer te maken met de zeezender van destijds en Kok besteedt daar dan ook wijselijk geen aandacht aan. En zo blijft de mythe toch nog een klein beetje in stand, want hoe pijnlijk de waarheid hier en daar ook aan het licht mag komen, je blijft al lezend toch sympathie houden voor die hele bende.

Anno 2007 wordt het erfgoed van Radio Veronica geconserveerd en beheerd door Stichting Noorderney. Muzikaal leeft de zender voort op Veronica 192. Bij Dit Was Veronica kun je o.a. terecht voor oude jingles en fragmenten.

The times they are a-changin'

Toen ik halverwege de jaren ’70 ernstig geïnteresseerd raakte in popmuziek liet ik me, voordat Veronica’s Top 40 en Tipparade maar ook magazines als Bravo, Muziek Expres en Popfoto mijn muzikale smaak en aankoopgedrag zouden gaan sturen, buiten Ad Visser vooral leiden door een ‘hippe’ oom en tante. Via de jaarlijkse Top 100 aller tijden leerde ik vervolgens de grote klassieken kennen en een inspirerende muziekmethode op de middelbare school bracht me op het spoor van ene F. Zappa. In de vroege eighties maakten de puberblaadjes plaats voor OOR en De Nieuwe Aardschok, alias DNA, die ook in latere reïncarnaties als Metal Hammer en Aardschok nog lang maandelijkse kost zou blijven. Inmiddels had ik ook de serieuzere radioprogramma’s ontdekt (voornamelijk VARA, VPRO en KRO) en werd de enige lokale platenboer bestookt met lastige vragen over steeds obscuurdere releases en importplaatjes die destijds vaak weken onderweg waren voor ze op mijn platenspeler lagen. Het spannendst van alles waren echter de speurtochten door de immense platenbakken van de plaatselijke fonotheek waar ik niet zelden elpees selecteerde op basis van een aansprekende hoes, wazige titel of rare bandnaam.
Al terublikkend valt me vooral op hoe tijdrovend het allemaal was en hoe je gelijkgestemden met een loep moest zoeken. Hoe anders is het tegenwoordig. Entertainment Media Research deed onlangs een onderzoek naar de wijze waarop muziekliefhebbers van 13 tot 60 jaar anno 2007 gebruik maken van het internet en sociale netwerken in het bijzonder. De bevindingen liegen er niet om. 53% blijkt actief op zoek naar muziek via netwerksites terwijl het percentage op communities als MySpace oploopt tot 75%. Een stuk minder spannend dan destijds maar wat mij betreft wel een prima ontwikkeling, omdat platenmaatschappijen, zendgemachtigden en muziekinkopers niet meer hinderlijk in de weg staan, waardoor er simpelweg meer beschikbaar is en de consument van vandaag een veel bredere muzikale smaak ontwikkelt.
Wat echter nooit zal veranderen is het gezeur over de prijzen. Vroeger vonden we de elpees schandalig duur en werden ze massaal ‘geteept’, daarna schreeuwden we moord en brand over het prijskaartje op een CD en gingen we ze zelf branden en nu wordt er volop gemopperd over de kosten van een legale download die elders voor nop van het web is te plukken. Ook onveranderd; OOR ploft hier nog steeds op de deurmat en bij de (inmiddels andere) platenboer kom ik nog geregeld over de vloer. Het eerste omdat ik om een of andere vage reden vind dat dit zo hoort en het tweede omdat er maar één ding leuker is dan op internet slap ouwehoeren over muziek, namelijk slap ouwehoeren over muziek in real life, liefst in een setting als deze. Via.

free music